BIJLAGE.

_____________________

 


De Consul-Generaal te Singapore aan
   den Algemeenen Secretaris van het
   Gouvernement van Nederlandsch-Indie.
 

N. 25.

SINGAPORE, 20 Februarij 1873.

Sedert mijne terugkomst van Bangkok op 13 dezer, heb ik de navolgende informatien ontvangen, welke ik voor het Nederlandsch-Indisch Gouvernement van het hoogste belang acht.
  Mijn berigtgever is TONGKOE MOHAMAD ARIFFIN van Moko Moko op Sumatra, wien ik gedurende de laatste tien jaren bij verschillende gelegenheden zekeren bijstand verleend heb voor welke diensten hij, naar ik geloof, mij thans zijne dankbaarheid wil betoonen; zoodat ik geene redenen heb zijne mededeelingen in twijfel te trekken.
  Naar het schijnt hebben de Atjehsche gezanten gedurende hun verblijf alhier zich tot de consuls van Amerika en Italie gewend, voorzien van een' brief van den Sultan, geadresseerd zoowel aan den consul van Frankrijk als aan dien van Amerika en Italie, waarin hulp verzocht werd, ten einde Atjeh tegen de verdrukkingen der gehate Nederlanders te beschermen, terwijl tevens daarin het aanbod gedaan werd om met die respectieve mogendheden tractaten te sluiten.
  Mijn berigtgever is, zooals hij voorgeeft, door zijn huwelijk verwant met den Sultan van Atjeh, en was tegenwoordig bij het bezoek van de gezanten aan den Amerikaanschen en Italiaanschen consul.
  Den 26sten Januarij des avonds te 9 ure kwamen zij bij den Amerikaanschen consul, die het gezantschap met alle beleefdheid ontving en beloofde onmiddellijk aan admiraal JENKINS in China te zullen schrijven. Vóór hun vertrek werd den gezanten een brief voor den Sultan overhandigd, benevens concept van een tractaat, bestaande uit twaalf artikelen, hetwelk de Sultan van Atjeh verzocht werd te teekenen en daarna naar Singapore terug te zenden.
  Naar hetgeen ik verder vernam, waren de twee partijen overeengekomen dat een Amerikaansch oorlogschip binnen den tijd van ongeveer twee maanden Atjeh zoude bezoeken. De Amerikaansche Consul vroeg mijn' berigtgever uitdrukkelijk of hij mij kende, en beval hem, op zijn ontkennend antwoord, de stiptste geheimhouding aan.
  Den volgenden dag, 27 Januarij, des morgens 11 uur, maakten zij hunne opwachting bij den Italiaanschen Consul, die zijne sympathie voor den Sultan te kennen gaf, en zich bereid verklaarde zijn Gouvernement de noodige mededeelingen te doen, zoodra hij in bezit was van een' specialen brief van den Sultan voor Z. M. den Koning van Italie.
  Intusschen bevindt zich hier ter plaatse kapitein RACCHIA, de diplomatieke agent van Italie in 't Oosten, die met mij per zelfde gelegenheid van Siam terugkeerde.
  Hij deelde mij mede met de Fransche mailboot naar Japan te zullen gaan, doch sedert schijnt hij van voornemen veranderd. Dagelijks worden hier twee Italiaansche oorlogschepen verwacht, welke volgens kapitein RACCHIA'S mededeeling de noord-oostkust van Borneo zouden bezoeken, om te trachten eene concessie voor grondgebied in de nabijheid van Maludubaai te verkrijgen; thans echter zoude de bestemming dier schepen kunnen veranderd worden, en kapitein RACCHIA het plan vormen daarmede naar Atjeh te gaan, daar het Italiaansch Gouvernement een pied à terre " in deze gewesten zoekt, en Poeloe-Way welligt aan het doel zoude beantwoorden.
   Ingesloten bied ik U Hoogedel Gestr. afschriften der telegrammen, aan , welke ik Zijne Excellentie den Gouverneur-Generaal omtrent dit belangrijk onderwerp heb doen toekomen. Den resident van Riouw heb ik de noodige inlichtingen gegeven en TONGKOE MOHAMAD ARIFFIN opgezonden om Z. Hoogedel Gestr. van alle bijzonderheden betreffende deze intrigues deelgenoot te maken. Tevens voeg ik hierbij een' door TONGKOE MOHAMAD ARIFFIN aan mij gerigten brief, welks inhoud het hierin verhandelde gedeeltelijk zal bevestigen.
  De stoomer Patty, gezagvoerder ROURA, arriveerde alhier dan 10den dezer van Rangoon, en zal morgen de reis retour via Penang aanvaarden. Deze gezagvoerder ROURA is dezelfde persoon die in de Atjehsche intrigues gemengd is. Naar men mij heeft medegedeeld, hebben de gezanten zich niet bij het Fransche of Duitsche consulaat vervoegd.
  Het Duitsche oorlogschip Nymphe is in onze haven, wachtende naar men zegt op brieven enz. van China.

De Consul-Generaal der Nederlanden,
(w. g.) READ.

_______________________
[Terug]