Orangegate in Madurodam

Al meer dan veertig jaar is Willem Oltmans (68) doende zijn eigen stempel op de vaderlandse journalistiek te drukken. En van die veertig jaar heeft hij er de laatste 35 in niet aflatende onmin met de Nederlandse autoriteiten, en niet met hen allen, doorgebracht.
In dit interview geeft Oltmans zelf aan wanneer de schoen begon te wringen: eind jaren vijftig, toen minister Luns hoog inzette in de Nieuw-Guinea-kwestie, maar tenslotte het hoofd moest buigen voor president Kennedy, die alle Nederlandse aanspraken van tafel veegde. Oltmans, bevriend met Sukarno, speelde daarbij een belangrijke rol op de achtergrond, zo blijkt uit dit verhaal.
Die nederlaag van Luns bleef, zegt Oltmans, niet ongewroken. Zoals hij beschrijft in zijn recente boek 'Vogelvrij', werden de wraakacties tegen hem ook door Luns' opvolgers voortgezet: achtereenvolgende Nederlandse ministers van Buitenlandse Zaken hebben, volgens de schrijver/journalist, bij verschillende gelegenheden directieven laten uitgaan om hem in de uitoefening van zijn vak te hinderen.
En zelfs zijn er momenten in de geschiedenis van de vaderlandse journalistiek aan te wijzen dat de bewindslieden persoonlijk ten nadele van Oltmans hebben ingegrepen. Niet verwonderlijk dus, dat Oltmans veel en lang in het buitenland verbleef.
Indonesië, Suriname en, de afgelopen zes jaar, Zuid-Afrika. Maar ook daar deed helaas, de lange arm van Den Haag zich uiteindelijk gelden. Helaas voor Den Haag, wel te verstaan. Want Oltmans gaat de heren nu fors aanpakken. Zoals hij in 'Notities uit apartheidsland' al aankondigt: alle betrokkenen gaan met de billen bloot!

'Van den Broek had geen griepje, die moest wèg'

Door Alexander Münninghoff

,,De story waar het omgaat, lieve beste man. is de volgende. Op 9 juli l985 probeerde Klaas de Jonge, een Nederlandse ambtenaar bij ontwikkelingssamenwerking die echter in dienst van Zimbabwe was getreden en daardoor zijn vaderlanderschap automatisch was kwijtgeraakt, zijn toevlucht te nemen tot Harer Majesteits ambassade te Pretoria. Hij was op dat moment al gearresteerd en onder bewaking gesteld van de Afrikaanse politie. Want die De Jonge, dat was een ordinaire wapensmokkelaar en terrorist, die kleefmijnen Zuid-Afrika heeft binnengesmokkeld voor het ANC en heeft meegedaan aan het opblazen van blanke boeren. De Zuid-Afrikaanse geheime dienst, die samenwerkt met de lsraëlische Mossad, had hem allang in de gaten. Ja wat dacht je, de Mossad, dat is zo ongeveer de beste inlichtingendienst ter wereld, snap je.''
,,De Afrikaander politie heeft De Jonge vrijwel direct met geweld uit onze ambassade gehaald, en daar is toen heisa over ontstaan. Met als gevolg, dat op 19 juli Klaas de Jonge weer aan Nederland is teruggegeven.''
,,Daar heeft Beatrix wel een koninklijk besluit voor moeten tekenen, dat De Jonge weer Nederlander was geworden. Niemand weet dat Beatrix die handtekening in grote haast, en onder zware druk van Lubbbers en Van den Broek, heeft gezet. Dat is het verhaal. Vlak nadat De Jonge door Zuid-Afrika uit de ambassade was gehaald, hebben Lubbers en Van den Broek aan de koningin gevraagd: teken in godsnaam dat koninklijk besluit. Want anders krijgen we een internationaal proces tegen Nederland. Nu konden ze zeggen, dat Zuid-Afrika onze ambassade had geschonden en daarmee werd voorkomen dat het tot een proces tegen De Jonge kwam. Het heeft allemaal een háár gescheeld, trouwens. Lubbers en Van den Broek hadden zó een haast met die handtekening van de Koningin, dat ze niet de diplomatieke post konden gebruiken. Het moest geseind.
Het is echt een kwestie van minuten geweest dat Zuid-Afrika op de hoogte zou zijn gebracht dat De Jonge geen Nederlander meer was. Ze zijn net op tijd gekomen. Ik weet ook wie Zuid-Afrika heeft willen waarschuwen, maar dat houd ik natuurlijk voor me, je moet altijd een slag om de arm houden. Laten we mekaar geen mietje noemen.''
,,Nou, dat is nogal wat, hoor. Da's niet niks! Nederland, het land van Kooijmans dat de oorlogsmisdadigers van Joegoslavië gaat berechten, heeft zelf boter op het hoofd! En ze halen het staatshoofd erbij om een ordinaire wapensmokkelaar z'n nek te redden. Om te voorkomen datie met de billen bloot gaat, want dan zou de hele kliek hier in Nederland het zelfde overkomen. Dan zou duidelijk worden, dat Nederland ten aanzien van Zuid-Afrika een behoorlijk scheve schaats had gereden!''

Graden van bleekheid

Dat démasqué zal er, als het aan Oltmans ligt, overigens alsnog komen. Duidelijk in zijn element, memoreert de controversiële publicist met zichtbaar genoegen de graden van plotselinge bleekheid die zijn haagse gesprekspartners overvielen toen zij onlangs in de residentie met hem geconfronteerd werden. Waar hij ook kwam, overal zaaide Oltmans, zegt hij, diepe ontsteltenis met zijn onthullingen. ,,De voorzitter van de AROB-commissie van het ministerie van Buitenlandse Zaken ging echt door de grònd toen hij dit allemaal hoorde. En alle parlementariërs die ik hierover heb ingelicht, zeiden unaniem: dit is een Nederlands Watergate. En als je dan bij navraag bij de Koninklijke Marechaussee hoort, dat een en ander nog veel erger is, dat ze Klaas de Jonge na rijp beraad ook nog eens zijn salaris bij Van den Broek hebben laten houden, terwijl hij in dienst van Zimbabwe kleefmijnen Zuid-Afrika heeft binnengebracht. Hij kreeg doorbetaald terwijl hij voor het ANC de terrorist uithing. Nou jáá.'' Enfin, meent Oltmans, Van den Broek heeft zijn congé gekregen om die zaak te stoppen. ,,Die heeft afgelopen december natuurlijk niet Zomaar opeens de griep gekregen om een paar dagen later zijn ontslag te nemen. Daar zit uiteraard meer achter. Hij moest weg, maar dat geldt voor het hele zooitje. Lubbers voorop. Natúúrlijk.''
Voorzichtige suggesties onzerzijds, dat de gehele affaire wellicht toch niet zwaarwegend genoeg is om een zittend bewindsman tot opstappen te bewegen vinden bij Oltmans een schamper onthaal: ,,Niet al te zwaarwegend?'' klinkt het met overslaande stem, ,,nou, dan zijn we uitgepraat. De implicaties? Die bedenk je zelf maar, hoor. Als ik je die nou nog zou moeten gaan uitleggen. Het lijkt wel of ik hier in een fröbel- klasje zit.'' De auteur steekt geërgerd een lange, dunne sigaret op:,,Echt, het is bijster intrigerend om te merken hoe jouw brein werkt. Wat de vent deed, met betaling van Van den Broek, was in strijd met het Handvest van de Verenigde Naties. For your information. Men zit in het zelfde bootje als Arafat. Als jij dat in orde vindt, dan zit je op rozen. Maar ik denk, dat de Tweede kamer daar anders op zal reageren.'' Onze tegenwerping dat er in de politiek ongetwijfeld een hoop boevenstreken worden uitgehaald en dat het erg naïef zou zijn om te denken dat de buitenlandse dienst daarvan gevrijwaard zou blijven, wordt door Oltmans hoog van de toren gepareerd. ,,Daar heb ik niets mee te maken. In Engeland hebben ze een Irakgate. Daar moet mevrouw Thatcher voor komen opdraven. Nou,laten ze hier ook maar zoiets beginnen. Orange-gate in Madurodam. Laten ze maar komen vertellen, Lubbers en Van den Broek, wat hun rol geweest is.''
Ook onze stelling, dat De Jonge niet voor de rechter geweest is en derhalve niet zomaar als terrorist mag worden gebrandmerkt vindt geen genade. Oltmans:,,Daar heb ik geen rechter voor nodig. Twee en twee is vier. Kijk eens: Piet Hein veroverde de Zilvervloot en dat zingen we vandaag de dag nog. Terwijl hij een enorme schurk was. Met Klaas de Jonge is het niet anders. Het is een ploert, maar hij is binnengehaald als een held, omdat Nederland zich willoos heeft laten misleiden.''
Hoe het nu verder moet? Een schouderophalen:,,Ik heb gedaan wat ik als journalist moest doen. Informatie ingewonnen. Re-check en doublecheck gepleegd. Informatie doorgegeven. Nu moet de Kamer het maar verder uitzoeken. Ik vind dat we eindelijk van de CDA mafia af moeten. Als het mede-effect van dit verhaal zal zijn, dat er een paarse coalitie komt en dat Van Mierlo premier wordt ben ik tevreden.''
,,Die groene linkse ballen, die zijn allemaal veel te veel pro-Klaas de Jonge. Die mythe van dat brave ANC-verzet, waar mensen als Sietse Bosgra en Connie Braam zo fanatiek voor geijverd hebben en die in ons land klakkeloos is overgenomen, die moet overeind blijven, voel je wel.''

Communisten

,,In l986 ben ik naar Zuid-Afrika gegaan, omdat ik die sancties tegen dat land zo oneerlijk vond. Pas ter plekke, toen ik met andere zwarte mensen had gesproken die helemaal niks met het ANC te maken wilden hebben, ben ik iets van Zuid Afrika gaan begrijpen. En ik weet echt wel iets van dekolonisatie-processen: Ik heb vijf jaar in Suriname gewerkt en tien jaar in Indonesië. Ik heb daar zes jaar mijn mond over gehouden en nu weet ik het ANC is slechts één van de partijen in het geheel. En voor mij niet de sympathiekste partij, daarvoor zijn ze te veel met de communisten verbonden.''
,,Ook Beatrix is helemaal fout geïnformeerd, of liever gezegd: ze denkt zoals negentig procent van de Nederlanders. Dat de strijd van het ANC tegen het apartheidsregime hetzelfde is als die van ons tegen de moffen. Zo zien ze het, maar daar is geen vergelijken aan. In hun optiek is Klaas de Jonge een Verzetsheld. Ik durf niet te zeggen wat ik dan zeker van weet, dat is voor mijn memoires. Maar zij moet er snel vanaf geholpen worden, die dame, van dat idee.''
,,Ik heb prins Bernhard geschreven. Koninklijke Hoogheid, u die de situatie in Zuid-Afrika goed kent, wat vindt u daar nu van. Uw dochter - terwijl Wilhelmina een kruiser stuurde om Kruger te helpen, gaat haar kleindochter een wapensmokkelaar zijn nek redden. Nou zou je dus denken dat zo'n Prins Bernhard denkt: dat is inderdaad een pittige zaak. Maar hij laat me een keurig briefje sturen, op 4 juni, waarin hij zegt mijn memorandum ontvangen te hebben. Hij kan lastig zeggen 'God man, je hebt gelijk'. Hij kan toch niet in discussie met mij treden?'' Op onze opmerking dat Oltmans deze gang van zaken had kunnen voorzien en zich dus de moeite van het Bernhard-memorandum had kunnen besparen, stokt het kleurrijke betoog abrupt. Een plotseling ijskoude oogopslag, gevolgd door een stilte die bedoeld lijkt de door onze opmerking nu wel geheel van onzin doordrenkte atmosfeer gelegenheid tot zelfzuivering te bieden. Dan, met een blik alsof een kruiperig insect zijn pad kruist, de snijdende constatering: 'O, je snapt het dus niet?' Volgt een uiteenzetting, herhaaldelijk onderbroken door mimiek van verontwaardiging en ontzetting over de grenzeloze domheid van de gesprekspartner: ,,Natúúrlijk kon ik dit zien aankomen. Dat wist ik van te voren. Maar normaliter krijg je dan geen antwoord, als het te pikant is. Dit is dus helemáál niet gebruikelijk, zeker niet als je beseft dat het iets is tussen vader en dochter. Ik sta achter het Koningshuis. Beatrix en ik hadden dezelfde gouvernante, dat is onze gemeenschappelijke moeder. Ik weet dus alles. En daarom is het zeer pijnlijk, dat uitgerekend ik nu op deze zaak hamer.''
Het is jammer, vind Oltmans, dat de Nederlandse overheid hem in Zuid-Afrika niet gewoon met rust heeft gelaten. ,,Dan zat ik nu nog piano te spelen in Hillbrow, waar ik bijna zes jaar in pais en vrede woonde en werkte, en dan was Van den Broek nu nog steeds minister,'' omschrijft Oltmans de ten departemente gemiste kans om de lastige investigative journalist in zelfgekozen vergetelheid te laten verdwijnen, ,,maar meteen al, toen ik de eerste voet op Afrikaanse bodem zette, begonnen er van de kant van Den Haag problemen. Het apparaat van BZ is tegen mij opgezet, en ik begrijp natuurlijk wel waarom. Ik heb indertijd gezorgd dat prins Bernhard met Kennedy in contact kwam, waarna Luns een nederlaag leed in zijn Nieuw-Guinea-politiek. Die kon toen wel inpakken en dat door dat gesprek van Bernhard met Kennedy, en het directe gevolg daarvan is Lockheed geweest. Dat zal mijn volgende etappe zijn, om dat te beschrijven. Ik sta achter Bernhard, hoor. Hij is een man, een guy, hij is straight.''
,,Maar goed, uit het feit dat Braam en De Jonge, of all people, afgelopen kerstvakantie rustig in Zuid-Afrika konden doorbrengen terwijl ik, me nog geen verkeersovertreding in dat land heb begaan, binnen twee weken het land moest verlaten met achterlating van mijn bezittingen, terwijl de Nederlandse ambassade ondanks herhaalde verzoeken niets heeft gedaan om mij te helpen, geeft wel aan dat Den Haag een bewuste campagne tegen mij gevoerd heeft. De Nederlandse ambassadeur in Pretoria noemde mij al in l986, ongevraagd, een gevaarlijke communist.
Het echte gelazer begon pas tussen 20 mei en 3 augustus van vorig jaar, toen de Zuid-Afrikaanse geheime dienst me opeens dwars begon te zitten. Terugkijkend denk ik wel te weten, waardoor een en ander tegen mij in gang is gezet. In een exclusief persoonlijk gesprek met president De Klerk, dat ik op 23 januari 1990 op zijn verzoek met hem had en dat twintig minuten duurde heb ik, denk ik, een heel ernstige fout gemaakt. Ik heb er geen rekening mee gehouden, dat hij in zijn werkkamer werd afgeluisterd door zijn eigen geheime dienst.''
,,Ik heb tegen De Klerk gezegd: 'Meneer de president, als u uw inlichtingendiensten niet onder controle krijgt, dan mislukt wat u wilt'. Hij was toen vier maanden president. Hij heeft 2 februari MandeIa vrij gelaten, maar ik waarschuwde hem, verwijzend naar Lyndon Johnson die, toen hij er achter kwam hoe hij belazerd was door zijn inlichtingendiensten die hem via het incident in de Golf van Tonkin tot een bombardement op Hanoi hadden geprovoceerd, gezegd had: ik weiger om herkozen te worden want I cannot control the goddamn murder incorporated CIA. Dit heb ik tegen De Klerk gezegd, denkende dat ik alleen met hem zat in zijn werkkamer. Terwijl hun geheime dienst zat mee te luisteren!''

Te boek als CIA-agent

,,Vanaf dat moment was ik CIA-agent, begrijp je wel. Alle deuren sloten zich, mensen die met me samengewerkt hadden lieten niets meer van zich horen. Ik begreep er niets van, tot in mei 1992 de oud-chefstaf, de generaal Constand Viljoen, en generaal Groenewald in de files zijn gedoken en ontdekten dat ik te boek stond als CIA-agent. En wel een slechtbetaalde, want ik fietste door Johannesburg.''
De Afrikaander misdaadpolitie vond vervolgens uit, dat Oltmans in een zeer smerig zaakje verwikkeld was geraakt: 'Het speelt in Den Haag, maar u hebt niets misdaan', lieten ze hem weten. Buitenlandse Zaken, weet Oltmans, vertelt nu rond dat Oltmans zwaar overspannen is en wild om zich heen slaat: ,,Ik heb mijn oom, de psychiater graaf Poslasky, er nog eens over opgebeld en hem gevraagd of hij dat ook vond. Hij zei van niet.'' Dus, vat Oltmans de resultaten van dit telefonische consult samen, ,,er is niks aan de hand, ik mankeer niks.''
Van veel van wat er achter de schermen, die voor gewone stervelingen zo allemachtig ondoorzichtig blijven, gebeurt heeft Willem Oltmans overigens wel degelijk kennis gekregen. ,,Maar dat bewaar ik allemaal voor mijn dagboeken,', verklaart hij. Onze vraag, waarom hij toch zo lang wacht met het publiceren van allerlei gegevens - gedrukte dagboeken moeten het in actualiteit immers afleggen tegen dagbladen - volgt een bijna filosofisch antwoord:,,Ik heb geen haast. Ik schrijf geschiedenis. Ik kom van Jan Frederik Oltmans. De broer van mijn betovergrootvader. Ik werk nu in de Jordaan, waar ik sinds kort woon, aan zijn schrijftafel, waaraan hij het boek 'De schaapherder en het Slot Loevesteijn' heeft geschreven. Hij schreef historische romans waarin Jan van Schaffelaar van de toren van Barneveld sprong.''
,,Ik schrijf het ooggetuige-verslag van mijn leven, onder meer door nog niet gepubliceerde gesprekken met mevrouw Indira Gandhi en de premier van Japan en met leden van de Club van Rome en hooggeplaatste Russen: wat ik echter het belangrijkste vind van mijn dagboek is weer te geven, hoe je brein van klein jongetje tot meneer van 75 jaar wordt ingevuld. Hoe dus de input en de output werkt. Wat gaat erin en wat komt eruit. Ik schrijf elke dag, en het zal niet verloren gaan. In de Koninklijke Bibliotheek liggen al mijn dagboeken tot 1977. Er is daar een hele kluis aan de wand, waarin die dag boeken worden bewaard, die kunnen nooit meer afgenomen worden.''
,,En dat vind ik zeer belangrijk, ik heb het niet voor niks gedaan. Integraal zal ik het niet publiceren, dat is uitgesloten. Er was een meneer De Clercq, in de Zeventiende eeuw, die heeft een dagboek van 13000 pagina's geschreven. Ik sta nu op 7000, en dat is slechts een uittreksel, mijn echte dagboek is véél uitgebreider. Nou, zoals het er uitziet zullen er nog zeker 7000 bijkomen, dus dan zit ik, als het allemaal uitgegeven is, nêt boven die meneer De Qlercq.''

Geld geen probleem

Op de vraag of hij, zijn strijdbare leven met zeker 35 door constante aanvaringen gekenmerkte jaren, over zou doen antwoord Oltmans zonder een moment van aarzeling: ,,O, exactly! Was het dat waard, vraag je? Kijk, geld was gelukkig nooit een probleem, want ik had acht ton van mijn ouders. Dus ik kon mijn gang gaan. Ik weet wel, met memoires verdien je geen stuiver. Om te verdienen moet je een smerig boek schrijven. 'Ik Jan Cremer' of zo, maar dat verdom ik. Nou, gelukkig hoefde dat dus niet. Die acht ton zijn vrij aardig op, inmiddels. Nog mooi, dat ik er zo lang mee gedaan heb.''
Op onze wellicht wat boude constatering dat hij 'voor geen meter verkoopt' reageert Oltmans aanvankelijk pinnig, maar komt dan, verrassend, met een vergelijking met Multatuli: ,,Die verkocht ook voor geen meter bij zijn leven. En wat is het toch gek gelopen, hé, met die vent. Bij mij is het lange termijn, beste jongen. Mijn parcours als schrijver en journalist zal pas erkend worden als ik er allang niet meer ben. En dat laat me verder koud. Wat voor mij telt is, dat ik nog nooit op een leugen of een onwaarheid betrapt ben. Ik ben nooit een oplichter geweest en heb me altijd correct gedragen.''
,,Toen ik naar Zuid-Afrika ging dachten ze, dat ik definitief was opgehoepeld: voor de laatste keer Willem Oltmans. En nu denken ze dat dit mijn zwanezang is. Maar ik begin pas!''

Bron: Rotterdams Dagblad, Zaterdag 19 juni 1993


[terug]